De panda waarover we het gaan hebben, wordt reuzenpanda of grote panda genoemd. Er bestaat namelijk ook een kleine panda. De grote panda en de kleine panda lijken nauwelijks op elkaar. Dat de kleine panda kleiner is dan de grote panda kun je wel raden, maar ook het uiterlijk van de beide pandasoorten is heel verschillend. Zelfs de kleuren van hun vacht komen niet overeen
filmpje van panda's
Eén jong
Panda's brengen de meeste tijd in hun eentje door. Alleen in het voorjaar ontmoeten de mannetjes en de vrouwtjes elkaar even. Zo'n 4 à 5 maanden later zet het pandavrouwtje één jong op de wereld, in een soort nest van gras en bladeren. Slechts bij uitzondering wordt er een pandatweeling geboren. Dat is eigenlijk maar goed ook, want het pandavrouwtje is niet in staat twee jongen groot te brengen. Ze kiest één jong uit om voor te zorgen; naar het andere jong kijkt ze niet meer om. Er zal dus altijd maar één jong overleven.
beginGedrag
De ijsbeer leeft meestal alleen en is zowel overdag als 's nachts actief. Ook in de lange, donkere winter zijn ze actief. Drachtige vrouwtjes houden dan echter een winterslaap. De ijsbeer is een bijzonder goede zwemmer die vele kilometers van de kust aangetroffen kan worden. De naam Ursus maritimus betekent dan ook "zeebeer". Hij kan tot 72 seconden onder water blijven en in het water snelheden van drie tot vier kilometer per uur behalen. Toch jaagt hij ook te land en is daar bijzonder snel. Ze kunnen tot twintig kilometer per dag afleggen, en trekken mee met de grens van het pakijs, die zomers noordelijker ligt dan 's winters.
drie ijsberen bij onderzeeër
IJsberen leven solitair. Soms komen ze in groepen voor, en zijn dan vrij tolerant tegenover elkaar. Groepsvorming komt vooral voor op plaatsen waar bijzonder veel voedsel voorhanden is, als vuilnisbelten en karkassen van gestrande walvissen. Mannetjes zijn agressief tegenover elkaar in de paartijd. Ook doden mannetjes wel eens berenwelpjes en andere beren.
Bij slecht weer graven veel ijsberen een tijdelijk hol (voornamelijk moeders met jongen), maar ze drukken zich ook vaak tegen de grond, waarbij de vallende sneeuw de beer bedekt.
De ijsbeer leeft van zeehonden. Vooral de ringelrob is geliefd, maar ook andere soorten, als baardrob, en in mindere mate zadelrob en klapmuts, worden gedood. Ook aas, walrus, kleinere walvissen als beloega's en narwallen, vis, sneeuwhaas, lemmingen, zeevogels, eieren, rendier en muskusos worden soms gegrepen. In de zomer trekken enkele ijsberen naar land, waar ze ook plantaardig voedsel als bessen en grassen eten, evenals menselijk afval.
Hij maakt gebruikt van zijn grote klauwen en zijn goed ontwikkelde reukzin om zijn prooi te vinden en te doden. De witte vacht dient daarbij als camouflage. Er wordt gezegd dat ijsberen tijdens de jacht hun poten voor de (zwarte) neus houden, zodat deze niet zou opvallen. Op zeehonden jaagt hij door te wachten bij ademgaten, maar ook worden ze gedood in holen (ringelrobben werpen hun jong in een sneeuwhol), in het water en op het ijs, waarop de zeehonden rusten.
De ijsbeer heeft een circumpolair verspreidingsgebied. Op Groenland komt de soort zowel op de oost- als op de westkust voor. Op het Europese vasteland komt de ijsbeer niet in het wild voor, maar in het noorden van IJsland worden regelmatig verdwaalde ijsberen waargenomen. Een groot gedeelte van het jaar is de beer te vinden op het drijfijs.
De zeeschildpad is beschermd op Bonaire. De Sea Turtle Conservation Bonaire doet onderzoek naar de zeeschildpad. Deze organisatie zet zich al 10 jaar voor de zeeschildpad in. Zo heeft STCB ervoor gezorgd dat het verboden is de zeeschildpad te vangen. Ook mogen de eieren van de zeeschildpad niet worden verkocht. Het onderzoek van STCB heeft meer inzicht gegeven in het leven van de zeeschildpad. Op Bonaire komt de zeeschildpad voor in vier soorten.
begin hi
Terwijl de toeristen op enkele tientallen meters van de branding dansen op oude hits, vindt op het strand een oeroud ritueel plaats. Een Leatherback-schildpad, in het Arubaans Driekiel genoemd, komt moeizaam vanuit de zee het zand op schuifelen. Irene herkent de ruim anderhalve meter lange zeeschildpad van tien dagen geleden; "Ik noem haar Duimpje vanwege een stuk huid dat bij haar voorpoten weg is. Zo lijkt het of ze een duim heeft."
Irene is één van de enthousiaste vrijwilligers die van maart tot juli 's avonds een paar keer de twee kilometer strand op en neer loopt om de komst van deze bijzondere schildpadden te registreren. Dit beschermingsinitiatief, dat twaalf jaar geleden opgestart werd, is nuttig want de Driekiel verdwijnt in rap tempo uit de wereldzeeën door overbevissing, jacht en vervuiling.
DuimpjeFascinerend
Duimpje komt vanavond voor de derde keer dit seizoen om opnieuw ruim honderd eieren in het zand te leggen. In totaal kunnen Leatherbacks vijf tot acht nesten leggen. Irene: "Het fascinerende van deze dieren is dat zij zelf bepalen wanneer de bevruchting plaatsvindt. Het vrouwtje kan het sperma van het mannetje maandenlang bewaren tot het moment dat zij de tijd rijp acht. Dan 'besproeit' zij de eieren en komt aan land om ze te begraven en door de zonnewarmte te laten uitbroeden."
Navigatiesysteem
Al ruim 65 miljoen jaar zwemt de Driekiel, die rond de tachtig jaar kan worden, rond in de oceanen. Deze grootste zeeschildpad ter wereld heeft een uniek zacht schild en kan tot één kilometer diepte duiken. Blijkbaar beschikken Leatherbacks over een nauwkeurig navigatiesysteem want de vrouwtjes, die rond hun 25e jaar geslachtsrijp worden, zwemmen in enkele maanden zesduizend kilometer om vanuit de noordelijke IJszee exact op het piepkleine Arubaanse zandstrand te belanden.
Irene: "Hier graaft ze met haar zijvinnen een kuil. Hoe ouder het vrouwtje, hoe groter haar zijvinnen en hoe dieper het nest komt te liggen. De temperatuur van het zand bepaalt het geslacht. Bij een koudere temperatuur komen er relatief meer mannetjes uit."Posten
Na het mobiel melden van de komst van Duimpje, zitten binnen een half uur vijf vrijwilligers fluisterend onder een strandparasol op enkele meters afstand van het gravende vrouwtje. Zij willen de toeristen even verderop niet alarmeren want tijdens het 'bevallen' is rust noodzakelijk.
Het personeel van de strandhotels wordt elk voorjaar voorgelicht door de vrijwilligers over de komst van de dieren. Op zijn minst tolereren de hoteliers de afgezette nesten op het strand en in sommige gevallen wordt er zelfs een actief beleid gevoerd om de schildpadden niet te verstoren. Irene: "Over een maand of twee komen de kleine schildpadjes uit en dan zitten we bij het nest soms dagen te wachten. Het is belangrijk om hun start te begeleiden, want de kleintjes komen tijdens de schemering uit en zijn erop gespitst naar het (weerkaatste) licht op de golven te rennen. Maar als er felle hotelverlichting is, gaan ze finaal de verkeerde kant op en dan kan het door snelle uitdroging fataal met ze aflopen." Sommige hotels dimmen in die periode hun strandlampen. Het vrijwilligersteam probeert de beestjes van het licht af te schermen met strandbedden of handdoeken; zo lopen ze vanzelf de goede kant op.
Afscheid
Maar zover is het nog niet. Duimpje heeft haar 120 eieren gelegd en stampt het zand erbovenop nu stevig aan. Uit haar keel klinken luide zuchten, het kost moeite. Met grote bewegingen van haar zijvinnen camoufleert ze het gebied rondom het nest. Tweeënhalf uur na haar aankomst is ze klaar en loopt terug richting zee. Nog snel wordt door een vrijwilliger de lengte van haar schild opgenomen; precies 155,5 centimeter. Rustig schuifelt ze door, de branding in. De volgende golf neemt haar mee. Nog één keer steekt ze haar kop boven water, als om een laatste keer haar eieren te checken. Dan verdwijnt ze.
De volgende ochtend lijkt het strand onveranderd. Alleen het opgezette hek rond het nest herinnert aan de komst van de reuzenzeeschildpad. Slurpend aan een verse piña colada liggen toeristen te bakken op het hete strand. En onder het zand ligt een kluitje eieren op te warmen tot ze klaar zijn voor het leven.
begin hier met tikken
Rugschild
Rugschild platter en minder zwaar dan bij landschildpadden.
Ogen
Ziet onder water veel beter dan erboven.
Staart
Bij sommige soorten heeft het mannetje een vBelangrijk bij de paring.
Duimnagel
Het mannetje heeft een lange duimnagel op zijn voorpoten om het rugschild van het vrouwtje tijdens de paring mee vast te grijpen. Bij vrouwelijke zeeschildpadden is de nagel wel aanwezig maar een stuk kleiner.
Nek
Kop kan niet onder het schild worden teruggetrokken.
Voorpoten
De armen zijn flippers: daarmee 'vliegt' hij door het water.
Achterpoten
Onder water om mee te sturen. Boven water om kuil mee te graven voor de eieren.
Bek
Geen tanden, wel een scherpe rand. Net een snavel. De verschillende soorten zeeschildpadden leven van verschillende soorten voedsel. Aan de bek is dit te zien. De groene zeeschildpad heeft als enige een gekartelde onderkaak om zeegras mee af te scheuren.
begin hier meNaamgeving witte en zwarte neushoorn
De Nederlands- en Engelstalige namen van deze dieren berusten op een taalkundig misverstand. Door Afrikaners werden ze puntlip en wijdlip (wijd = breed) genoemd. De Engelsen vatten wijd op als white en dus werd de andere automatisch black. De Nederlanders vertaalden dit weer als witte en zwarte neushoorn.
t tikken
De zwarte neushoorn onderscheidt zich vooral van de andere Afrikaanse neushoorn (de witte) door zijn puntige bovenlip waarmee hij takjes kan plukken. Hij wordt daarom ook puntlipneushoorn genoemd.
De zwarte neushoorn is het 'sportmodel' onder de vijf neushoorns en haalt een snelheid van 50 km/uur. Ooit was dit de meest voorkomende neushoorn en leefde hij in het grootste deel van Afrika. Tegenwoordig is hij door afname van zijn leefgebied en door de jacht om zijn hoorn zeldzaam geworden.
De zwarte neushoorn is een zeer groot dier met een dikke huid, die het dikst is op de schoft (bij de schouders), het voorhoofd en de wangen en het dunst op de snuit, de poten, de buik en rond de ogen en oren. Hoewel zijn naam anders doet vermoeden, is de zwarte neushoorn niet zwart maar leigrijs van kleur. Ogenschijnlijk is de kleur variabel maar dit wordt veroorzaakt door de gewoonte van het dier om zich in de modder te rollen, waarmee hij zich beschermt tegen invloeden van de zon en overlast van insecten. Hij wordt "zwarte" neushoorn genoemd als tegenstelling met de andere Afrikaanse neushoornsoort, de witte neushoorn. De witte neushoorn is echter zelden wit. Deze soort heeft zijn naam te danken aan de brede ("weit" in het Afrikaans) lippen, een aanpassing aan het grazen van grassen en kruiden. De zwarte neushoorn heeft in tegenstelling tot de witte neushoorn een flexibele, puntige bovenlip, waarmee hij takken en bladeren kan afgrazen. Een correctere naam voor de witte en zwarte neushoorn wijst op dit verschil: de witte neushoorn wordt ook wel "breedlipneushoorn" genoemd, de zwarte "puntlipneushoorn".
De zwarte neushoorn heeft een grote kop met kleine ogen en ovale oren met donkere haartjes aan de rand. Net als bij de witte neushoorn heeft de zwarte neushoorn twee hoorns, waarvan de grootste hoorn vooraan zit, boven de neusgaten. Deze hoorns worden over het algemeen langer dan 60 centimeter, en er zijn exemplaren bekend die wel twee keer zo lang waren. Een tweede hoorn (max. 50 cm lang) staat tussen zijn ogen. Hij krijgt die hoorns al van aan zijn 10e maand. Het staartje heeft aan de punt enkele stijve haren. De poten hebben drie tenen.
De zwarte neushoorn is iets kleiner dan de witte neushoorn. Hij heeft een schofthoogte van 137 tot 180 centimeter, een kop-romplengte van 290 tot 375 centimeter en een lichaamsgewicht van 700 tot 1400 kilogram, bijna anderhalve ton.
begin Witte neushoorn
(ook wel breedlipneushoorn)
Ceratotherium simum PlanteneterOnevenhoevige / dikhuidigeLeefgebied Zuid- en Noordoost Afrika, op de droge savanne. Op dit moment 10 tot 11 duizend in het wild.Leefwijze In kleine groepjes.Voedsel Grassen, blaadjes en vruchten.Maten en gewicht 1000 tot 3600 kilo, 1,80 meter hoog.Leeftijd Volwassen met 6-8 jaar, maximaal 45 jaar.Voortplanting Draagtijd 18 maanden, 1 jong per keer.hier met tikken
een tijger
begin hier met tikken
Een tijgerjong is zo groot en zwaar als een literpak melk
en ziet eruit als een pluizig
bolletje
De tijger jaagt meestal alleen.
Dit doet hij in de schemering of s'nachts.
Tijdens zo'n jacht legt hij soms vele kilometers af.
Hij moet heel wat moeite doen om een prooi te vangen.
Slechts 1 van de 20 pogingen lukt het hem een prooi te pakken te krijgen.
Zijn ogen en oren zijn de belangrijkste hulpmiddelen bij de jacht.
Hij sluipt over de grond naar zijn prooi toe, zodat deze hem niet ziet en hoort.
Hij valt meestal van achteren of van opzij aan.
Als de tijger dicht genoeg bij zijn prooi is, bespringt hij deze.
Hij grijpt het dier bij de keel zodat het stikt.
De tijger sleept zijn buit meestal naar een plek met water, omdat hij veel drinkt tijdens het eten.
Een hongerige tijger eet in een keer wel 25 kilo vlees.
Daar heeft hij een paar dagen genoeg aan.
De tijger jaagt op zwijnen, muntjak (aziatische hert), antilopen, wilde runderen en soms koeien en geiten.
Een hongerige tijger valt ook wel eens mensen aan, alleen als hij oud of gewond is en geen andere dieren meer kan vangen. n hier met tikken